>Terug naar het overzicht

Briënthy (19) is een brus: ‘Ik was al vroeg een mini-volwassene’

22 september 2026

Broerjte breinthy

Briënthy (19) stond in de finale van Miss Teen Nederland 2026. Tijdens de missverkiezing deelt ze haar persoonlijke verhaal als brus. Als brus van haar 16-jarige broertje groeide ze op met extra zorg en verantwoordelijkheid. Inmiddels begrijpt ze beter wat dat met haar heeft gedaan. Daarom vindt ze het belangrijk dat ook brussen gezien en gehoord worden.

‘Hij besefte voor het eerst hoe het voor mij was’

Voorin de zaal zit haar 16-jarige broertje. Op het podium staat Briënthy. Na afloop van haar verhaal komt hij naar haar toe. Hij is trots op haar en vertelt dat hij het goed vindt dat ze hierover praat.

Voor Briënthy is het een bijzonder moment. “Hij had er nooit bij stilgestaan dat ik me zo voelde. Het was de eerste keer dat hij daar echt over nadacht en besefte hoe het voor mij was.”

De zorg voor haar broertje speelt al haar hele leven een rol binnen het gezin. Toen ze jonger was, vroeg die zorg veel van haar moeder en paste Briënthy zich daar al vroeg op aan. “Het is voor mij ook een manier van verwerking om er zo open over te praten.”

Er werd thuis niet veel over gesproken

Over het brus-zijn werd vroeger bij Briënthy thuis niet veel gesproken. Haar moeder heeft haar als kind weleens uitgelegd wat een brus is, maar pas jaren later ontdekte ze wat dat voor haarzelf betekende. “Ik was daar toen eigenlijk helemaal niet mee bezig. Pas toen ik ouder werd, kreeg ik hier meer besef van.”

Veel extra zorg

Door het autisme van haar broertje was er thuis al vroeg extra begeleiding en zorg nodig. Drie jaar geleden kwam daar een oogziekte bij en later kreeg hij een functionele neurologische stoornis, waardoor hij soms valt. Voor haar moeder betekende dat opnieuw veel extra zorg. “Mijn moeder moest haar leven op pauze zetten om bij hem te zijn. Hem naar school brengen, de hele dag met hem bezig zijn. Dat was best heftig.”

Inmiddels gaat het gelukkig een stuk beter met hem. Haar broertje gaat naar een reguliere school met ondersteuning, zit in 5 havo en haalt goede cijfers. “Hij is heel slim.”

Moeder geen extra stress geven

Als Briënthy terugkijkt op haar eigen jeugd, merkt ze vooral hoe vroeg ze zich verantwoordelijk voelde. “Ik was al vroeg een mini-volwassene. Ik was niet de oudste thuis, maar ik heb altijd een groot verantwoordelijkheidsgevoel gehad.”

Ze wilde haar moeder helpen en vooral geen extra problemen veroorzaken. Als haar moeder gestrest was, ging Briënthy bijvoorbeeld opruimen of bij haar zitten. “Ik dacht: als ik degene ben die niks verkeerd doet, krijgt mijn moeder ook geen extra stress.”

Die verantwoordelijkheid speelt ook nu nog een rol in haar dagelijks leven. Zo ziet ze daarin een verschil tussen haar en haar vriendinnen. “Ik zie bijvoorbeeld dat mijn vriendinnen minder doordachte keuzes maken dan ik. Ze zijn hier een stuk vrijer in. Ik denk altijd twee keer na voordat ik een keuze maak, omdat ik dat van jongs af aan altijd zo heb gedaan.”

Gevoel dat het haar schuld was

Als kind vond Briënthy het soms moeilijk dat er zoveel om haar broertje draaide. Ze kon bijvoorbeeld wat kortaf op hem reageren en voelde zich daar dan later schuldig over. “Ik vond mijn broertje irritant en dat liet ik dan ook wel merken. Dan dacht ik: waarom ben ik zo gemeen tegen hem?”

Ze wist toen nog niet goed wat autisme inhield en kon zijn gedrag daardoor moeilijk plaatsen. Lange tijd dacht ze dat het haar eigen schuld was dat ze zich zo voelde. Nu kijkt ze daar anders naar. Ze neemt haar moeder niets kwalijk en begrijpt beter waarom de aandacht vaak naar haar broertje ging.

“Ik besef dat ik vroeger aandacht heb gemist en ook regelmatig jaloers was op mijn broertje. Ik heb er nu meer begrip voor en kan het makkelijker accepteren. It is what it is.” Ook heeft ze geleerd om haar gevoelens van vroeger niet weg te duwen. “Ik denk dat ik, hoe ouder ik word, steeds meer ‘the bigger picture’ kan zien. Ik zie mijn gevoelens niet meer als iets slechts.”

‘Zusje heeft vrijere jeugd’

Briënthy woont nog steeds thuis, samen met haar moeder, stiefvader, haar 9-jarige stiefzusje en haar broertje.

Bij haar jongere zusje ziet Briënthy hoe anders het kan zijn dan toen zij jonger was. Haar zusje is volgens haar veel zorgelozer en vrijer in haar doen en laten. “Voor mij was dat anders. Juist omdat ik zo open ben geweest naar mijn ouders over hoe ik mijn jeugd als brus heb ervaren, zijn zij zich daar nu veel bewuster van. Ik vind het fijn om te zien dat mijn zusje een andere ervaring heeft en ik kijk daar positief naar.”

Meer zorgzame band dan heel close

Met haar broertje heeft Briënthy een band die ze zelf als wat afstandelijk omschrijft. Dat betekent niet dat ze geen goede band hebben. “We hebben hele andere interesses, hij gamet bijvoorbeeld graag.” Haar broertje is liever thuis en uitjes kunnen voor hem snel te veel worden. “We zijn niet superclose, maar we houden wel van elkaar.”

Soms vindt ze het lastig dat ze niet altijd ziet wanneer er iets met hem is. “Hij kan zich verbaal niet altijd goed uitdrukken. Daardoor is het voor mij moeilijker om te begrijpen wat er in hem omgaat. Vooral vroeger vond ik dat lastig.” Briënthy beschrijft het meer als een zorgzame band met haar broer dan als een hechte broer-zusband.

Broertje als inspiratie

Hoewel de band tussen broer en zus niet superclose is, is Briënthy ontzettend trots op hem. Hij is veel bezig met muziek en zingen. Dat is volgens Briënthy echt zijn passie. “Ik vind het leuk om te zien dat hij zichzelf blijft en dingen doet die hij leuk vindt.”

Vooral zijn doorzettingsvermogen bewondert ze. “Hij is echt een doorzetter. Er zijn dingen gebeurd die voor hem niet makkelijk zijn, maar hij blijft volhouden. Dat is echt een inspiratie voor mij.”

Meer herkenning voor brussen in het gezin

Wat Briënthy vroeger vooral heeft gemist, is het contact met andere brussen. “Ik weet nu dat er brussengroepen zijn. Het was fijn geweest als ik daar toen ik 10 jaar oud was bij had kunnen aansluiten en erover had kunnen praten. Zo had ik meer het gevoel gekregen dat ik niet de enige was.”

Dat praten doet ze nu wel. Ze heeft met verschillende groepen ouders van een zorgintensief kind gesproken. Daar merkte ze hoe herkenbaar haar verhaal voor anderen kan zijn. “Ik heb meegemaakt dat twee ouders gingen huilen, omdat ze nooit hadden beseft wat de thuissituatie voor een brus betekent.”

Briënthy heeft als brus vaak het gevoel gehad dat ze zich niet mocht aanstellen. “Ik heb zelf geen beperking. Dus waarom zou ik zeggen dat ik te weinig aandacht krijg terwijl mijn broertje écht ziek is? Die herkenning krijgen voor brussen in het gezin zou fijn zijn.”

‘Zet minder druk op jezelf’

Als Briënthy nu terugkijkt op zichzelf als jonge brus, weet ze beter wat ze toen nodig had gehad. Minder druk op zichzelf. Meer ruimte om te praten. En vooral: weten dat haar gevoelens er gewoon mogen zijn.

Aan een jongere brus die zich soms alleen of onbegrepen voelt, zou ze daarom willen zeggen: “Als er iets is, mag het er zijn. Je mag ook weleens vervelend zijn of boos. Je hoeft niet alles zelf op te lossen. Zet minder druk op jezelf. Ook jij mag gezien worden.”

Misschien is dat wel iets wat Briënthy de afgelopen jaren steeds meer heeft geleerd: haar broertje heeft zijn verhaal, maar zij heeft dat ook. En ook dat verhaal mag er zijn.

Heb je een vraag? App SAME! Whatsapp